Actualisatie drempelwaarden voor ontheffing niet ZE-verkrijgbare voertuigen op 1 januari 2027
Twee keer per jaar (op 1 januari en op 1 juli) wijzigen de drempelwaarden voor de ontheffing niet-emissieloos verkrijgbaar voertuig. Dit wordt gedaan om de technische marktontwikkelingen van elektrische bestel- en vrachtvoertuigen goed te kunnen volgen.
Voertuigen die nog niet emissievrij verkrijgbaar zijn kunnen via de RDW een ontheffing aanvragen. De expertgroep die voor RDW de ontwikkelingen in de markt volgt heeft de drempelwaarden voor het afgeven van een ontheffing herzien. Deze marktontwikkelingen wijzen op een steeds breder palet aan leverbare configuraties van elektrische voertuigen.
Per 1 januari 2027 zullen de nieuwe drempelwaarden ingaan. Dit is relevant voor ondernemers die een nieuw (diesel)voertuig willen gaan aanschaffen of willen weten of zij onder de nieuwe drempelwaarden in aanmerking komen voor verlenging van een bestaande ontheffing. Ontheffingen die voor 1 januari 2027 worden aangevraagd worden beoordeeld op basis van de huidige drempelwarden.
Het gaat om de volgende wijzigingen:
Voor “te lage laadvloer (onvoldoende ruimte voor batterijen)” wordt alleen nog ontheffing verleend aan bestelauto’s als deze een technische maximale massa van meer dan 2500 kg hebben en de laadvloer lager is dan 54 cm. Voor lichtere bestelwagens is er geen onderscheid in laadvloerhoogte meer tussen diesel- en elektrische voertuigen. Daarom wordt er voor deze voertuigen geen ontheffing meer verleend.
Voor opleggertrekkers wordt binnen de categorie “onvoldoende benodigd trekgewicht” onderscheid gemaakt tussen twee-assers, waarvoor de drempelwaarde “combinatiegewicht meer dan 57,5 ton, aantoonbaar met ontheffingattest voor exceptioneel transport” blijft gelden, en drie-assers, waarvoor de drempelwaarde meer dan 60 ton wordt.
De verbruikseis bij “onvoldoende benodigde batterijinhoud voor inzet binnen zero-emissiezone(s)” wordt voor zware vrachtwagens verhoogd naar 115 liter dieselverbruik binnen zero-emissiezones, omdat de batterijcapaciteiten gestaag toenemen. Er wordt geen onderscheid meer gemaakt tussen bakwagens en opleggertrekkers.
De definitie van ”vaste inrichting die aan één zijde tussen de wielen geen ruimte biedt voor batterijen” is verduidelijkt. Ontheffing wordt alleen nog verstrekt als voor tenminste één gehele zijde geen ruimte is voor batterijen. Steunpoten die ruimte innemen of een compressor die ruimte inneemt voor een deel van de zijde is dus onvoldoende voor ontheffing. Fabrikanten zijn namelijk steeds flexibeler bij het plaatsen van modulaire accupakketten. De eis dat zware vrachtwagens moeten voldoen aan een gemiddeld verbruik per werkdag boven 38 liter binnen zero-emissiezone(s) komt te vervallen.
De ontheffing voor ADR-voertuigen wordt beperkt tot de categorieën EX II-III voor bestelauto’s, trekkers en bakwagens en AT/FL voor bakwagens. Meerdere fabrikanten leveren elektrische trekkers voor AT/FL, maar met name voor tankwagens is er nog onvoldoende marktaanbod.
Verwijderd is “schotelhoogte van trekker lager dan 98 cm” omdat inmiddels meerdere fabrikanten vrachtwagens leveren waarvoor de schotelhoogte niet verschilt tussen diesel – en elektrische uitvoeringen.
Voor zware vrachtwagens is de drempelwaarde voor “bakwagens met toegestane maximale massa (TMM) boven 37 ton” verhoogd naar boven 39 ton, omdat meerdere fabrikanten inmiddels elektrische vrachtwagens met TMM van 39 ton kunnen leveren.
De drempelwaarden zijn overzichtelijk, per voertuigcategorie weergegeven in een tabel, die je via deze link kunt vinden.